Hartschade na een operatie opsporen met biomarkers

Er is toenemende aandacht voor hartschade die ontstaat na een operatie, ook wel perioperatieve myocardschade (PMI) genoemd. Het blijkt namelijk dat PMI vaker voorkomt dan wij denken en dat dit vaak onopgemerkt verloopt (subklinisch). Dit komt doordat de klassieke tekenen van een hartinfarct (pijn op de borst, zweten, benauwdheid) niet op de voorgrond staan door het gebruik van pijnstillers en resteffecten van de narcose.

Hoe ontstaat PMI?

Er zijn verscheidene factoren die een rol spelen bij het ontstaan van PMI. Enerzijds is er de impact van de operatie zelf. Chirurgische stress leidt tot een ontstekingsreactie en toegenomen bloedstolling. Hierdoor kunnen kalkplaques in de kransslagaders scheuren en de bloedtoevoer naar de hartspiercellen blokkeren, zoals bij een acuut hartinfarct. Anderzijds leidt toegenomen activiteit van het sympathisch zenuwstelsel (de vecht-of-vlucht reactie) tot een hogere zuurstofvraag van het hart. Hierdoor kan bij kransslagaderverkalking een mismatch ontstaan tussen zuurstofaanbod en vraag, met een hartschade tot gevolg.

Biomarkers en hartschade

Verschillende biomarkers vertellen ons wat over de functie van het hart. Hartschade kan vastgesteld worden met troponine, dit is een eiwit dat vrijkomt als er hartschade optreedt. Om hartschade na een operatie op te sporen kunnen daarom routinematig troponines bepaald worden.

NT-proBNP is een hormoon dat vrijkomt bij drukverhoging en volume overbelasting van het hart. Het verlaagt de druk waartegen het hart moet pompen door relaxatie van het vaatbed en vochtuitscheiding (urineproductie). Een verhoogd NT-proBNP kan duiden op hartfalen.

Risico’s inschatten met biomarkers

BIGPROMISE onderzoekt hoe vaak hartschade na een operatie optreedt en welke biomarkers dit het beste weerspiegelen. Hiervoor worden traditionele biomarkers onderzocht, zoals troponine en NT-proBNP, maar ook innovatieve biomarkers zoals GDF-15. Ons doel is om een biomarkerset te ontwikkelen die het risico op hartschade nauwkeurig voorspelt en informatie geeft over de hartfunctie na de operatie.  Patiënten met een hoog risico op hartschade kunnen zo mogelijk preventief behandeld worden of beter vervolgd worden door een cardioloog. Op deze manier kunnen biomarkers worden ingezet om vroegtijdig hartschade te herkennen en de nadelige effecten daarvan in de toekomst mogelijk te voorkomen.

Geschreven door

Maaike ThioPhD Student